Recensie: De buurjongen – Jan Siebelink

Een tijdje terug las ik met plezier het boek Knielen op een bed violen van Jan Siebelink en later ontdekte ik dat dit boek heeft geleid tot een hele sage. Zo zette ik Margje en De buurjongen dus ook braaf op mijn to read-lijst. De verhalen zijn goed te volgen als je ze niet alle drie of niet in de juiste volgorde leest. Zo las ik eerst De buurjongen voor ik in Margje begon.

4 manieren van dieper lezen
Mijn vorige blog ging over verdiepend lezen. De 4 manieren van dieper lezen heb ik zelf tijdens het lezen toegepast op De buurjongen. Hieronder neem ik je mee in mijn bevindingen.

Het boek De buurjongen gaat over Henk Wielheesen, de buurjongen van de familie Sievez. Henk is een dromer en heeft moeite met spreken. Aan het begin van het verhaal overlijdt zijn moeder en trekt een stiefmoeder in. Deze vrouw verwaarloost en mishandelt Henk. Dan worden die feiten bekend en wordt hij opgevangen door de familie Sievez, die hij al langere tijd helpt in hun plantenkwekerij. Hier woont ook de jongen Ruben die Henk al vanaf jongs af aan als broer ziet. In het boek volg je het hele leven van Henk, van wieg tot graf. Het personage blijft je door het hele boek heen boeien.

DE METAFOOR
In de boeken van Siebelink komen veel metaforen en symbolen uit de Bijbel en het geloof voor.  Omdat ik zelf niet gelovig ben opgevoed is het soms lastig om hiervan de betekenis te achterhalen. Toch probeer ik te zoeken naar verbanden. Waarom heeft Henk bijvoorbeeld zoveel met hanen? Verwijst dit naar de haan die kraait na het verraad van Petrus? Dat zou interessant zijn. Henk wordt namelijk juist als onschuldig geportretteerd. Zou hij zich dan schuldig voelen of zou hij spijt hebben van iets? Over dit soort vragen denk ik graag na. Een andere bijbelverwijzing is een openbaring. Het boek opent en sluit met een scène van een openbaring die verbonden wordt aan zowel vader Hans Sievez als Henk. Komt dit doordat zij zich beide het meeste richten tot het geloof in het boek? Nam Henk altijd een voorbeeld aan Hans?

DE CONTEXT
Het verhaal speelt zich af in het begin van de 20ste eeuw, in Velp, een dorp in de buurt van Arnhem. In tegenstelling tot Knielen op een bed violen staat het geloof in het boek iets minder centraal, maar enkele personages, zoals Henk, houden er wel aan vast en er komen dus wel veel verwijzingen in voor.

De manier van leven staat ver af van hoe ik zelf ben opgevoed, maar toch zijn bepaalde gevoelens herkenbaar, zoals een constante drang naar contact gepaard gaande met aantrekken en afstoten. Ook de zoektocht naar houvast, die in dit geval gevonden wordt in het geloof, is aansprekend. Het boek benadrukt daarnaast het belang van goede communicatie en onvoorwaardelijke liefde, zoals tussen Ruben en Henk. Dat is niet altijd vanzelfsprekend, zoals je bij Guusje en Henk ziet.

De thema’s die een grote rol spelen zijn afstand en rouw. Vooral de combinatie hiervan maakt het boek soms zwaarmoedig. Er wordt weinig gesproken over het verlies van zijn moeder en ook later in het boek is er veel afstand binnen de relaties doordat Henk zich lastig uit kan drukken. Hij krijgt echter wel veel liefde van zijn omgeving wat voor mij het verhaal ook heel bijzonder maakt. Henks eigenaardigheden worden dus door velen geaccepteerd, maar in sommige relaties zorgen ze voor wrijving met afstand als gevolg. De scènes over verwaarlozing vond ik erg heftig om te lezen, bijvoorbeeld wanneer hij wordt gedwongen om apart te eten van zijn vader en stiefmoeder.

Henk zag in de keuken het bord met bestek, liep door naar de kamer. ‘Nee, voor jou heb ik in de keuken gedekt. Je vraagt je af waarom? Je vader en ik zien elkaar zo weinig. Aan tafel willen we met z’n tweeën zijn. Je eet voortaan in de keuken, en vooraf.’

Daar blijft het helaas niet bij. De verschillende vormen van verwaarlozing gaan door merg en been en de onhoudbaarheid van de situatie leidt er dan ook toe dat Henk bij de familie Sievez gaat wonen.

DE RECENSIES
Dankzij het lezen van recensies over Knielen op een bed violen ontdekte ik dat dat boek onderdeel van een sage is. Zo ben ik dus bij de andere twee delen uitgekomen.

Ook recensies van het boek De buurjongen zelf hebben me inzicht geboden. Zo ontdekte ik dat meerdere personages zijn gebaseerd op het leven van Jan Siebelink zelf, zoals ook in de andere twee boeken het geval is. Het personage dat veel gelijkenis vertoont met zijn eigen vader is Hans Sievez, de buurman die zich ontfermt over Henk. En ook Margje, die naar Jans eigen moeder verwijst is in dit boek weer de vrouw van Hans. Ruben, de zoon, wordt in dit boek de broer van Henk. Dit is anders dan in bijvoorbeeld Margje, omdat Ruben daar alleen een ‘echte’ broer heeft die Thomas heet. Wel is het opvallend dat Thomas ooit ook problemen heeft gekregen met zijn spraak, net zoals Hans al zijn hele leven heeft. Zelf vind ik dat het terugkomen van dezelfde personages een mooi en volledig beeld geeft. Ook is het leuk dat je in verschillende boeken weer andere lagen leert kennen van bijvoorbeeld vader Hans en moeder Margje. In De buurjongen speelden ze met name een bijrol, waardoor het praktiseren van het geloof van Hans op de achtergrond verdween en vooral de zorgzaamheid ten aanzien van Henk wordt geaccentueerd.

DE VERTELWIJZE
Siebelink maakt mooie keuzes als het gaat om wat hij expliciet maakt en wat hij verborgen houdt. Dit heeft als effect dat je echt vanuit Henks ogen kijkt. Je begrijpt niet meer dan wat hij zelf begrijpt en krijgt dan ook geen uitgebreide inkijk in de gevoelens van andere personages. Hierdoor schuilen er mysteries in het boek en blijven onbesproken thema’s op de achtergrond. Waarom trekt Henk bijvoorbeeld de jurken aan van zijn overleden moeder en geniet hij hier zo van? Wat speelt er precies in het hoofd van zijn dochter Guusje? En wat doet Ruben precies met de dochter van Hans? Omdat Hans hier zelf ook geen antwoord op heeft, blijven deze vragen ronddwalen. Frustrerend, maar het zorgt er wel voor dat het verhaal volledig in de sfeer van Henks gevoelsleven blijft. En dat is de onzekerheid van onbeantwoorde vragen wel waard.

Concluderend..
…ben ik blij dat ik een volgend boek in de sage van Jan Siebelink heb opgepakt. De zwaarmoedige sfeer in het boek raakte me en zorgde ervoor dat ik geboeid verder bleef lezen. Ik kan me voorstellen dat anderen hier op kunnen afhaken; het is zeker geen feel good-boek. Aan hen kan ik Margje dan nog het meest aanraden, omdat dat het minst zwaarmoedig is. De buurjongen is qua lengte en spanningsopbouw op zijn beurt weer toegankelijker dan Knielen op een bed violen. Ik kan het boek je in ieder geval heel erg aanraden, mits je je wilt verdiepen in het gezin en wel tegen wat melancholische, gesloten personages kunt.

Rating: 3.5 out of 5.

Recensie: De zon is ook een ster – Nicola Yoon

Het vorige boek dat ik van Nicola Yoon las, was Alles wat je lief is en sprak me heel erg aan door het bijzondere verhaal en de fijne, poëtische schrijfstijl. Haar nieuwste boek, De zon is ook een ster, had ik al regelmatig voorbij zien komen op sociale media. De titel trok me meteen en herinnerde mij aan mijn vroegere docent Italiaans die meermaals enthousiast had verteld dat Dante Alighieri als één van de eersten wist dat de zon een ster was. Zo schreef hij: ‘l’amor che move il sole e l’altre stelle’ – de liefde die de zon en de andere sterren beweegt. Zo maakte een bijzondere associatie mij nieuwsgierig naar een boek. Want waarom wordt deze oude, natuurkundige ontdekking op de voorkant van een boek gezet?

 ‘De meeste gedichten die ik ken gaan over liefde of de sterren. Jullie dichters zijn geobsedeerd door sterren. Vallende sterren. Stervende sterren.’ ‘Sterren zijn belangrijk’, zeg ik. ‘Oké, maar waarom niet meer gedichten over de zon? De zon is ook een ster, voor ons de belangrijkste die er is. Alleen dat al is een gedichtje of twee waard.’

Het verhaal
Het boek gaat over Daniel en Natasha. Beiden worstelen met hun familie, hun achtergrond en vooral met hun toekomst. Volg je je passie of moet je handelen in de lijn der verwachtingen? En wat doe je als je toekomst voor jou wordt bepaald? Op de dag dat ze elkaar ontmoeten, staan ze allebei op een zo’n kruispunt, al dan niet vrijwillig. In de loop van het verhaal ontdek je veel over de aanloop naar dit kruispunt, maar ook over hun gedachtes over liefde en leven. Het boek staat dan ook vol met zinnen die je zou kunnen bundelen in een boekje met filosofische citaten. Liefde, natuurkunde, determinatieleer…alles komt op een herkenbare manier voorbij.

Bekijk het vanuit een ander perspectief
Het allermooiste aan het boek is wat de schrijfster doet met de perspectieven. Veel personages, ook bijfiguren, komen in het boek een keer zelf aan het woord. Ook de ouders, de advocaat, de secretaresse en zelfs een willekeurige metrobestuurder vertellen hun verhaal. Hierdoor wordt het verhaal compleet en versterkt het boek de vraag of het leven uit toevalligheden bestaat of dat alles voorbestemd is.

Liefde, familie en afkomst
In het boek komen ontzettend veel mooie thema’s langs, zoals liefde, familie en carrière, maar ook migratie en je thuis voelen in een land waar je familie niet vandaan komt. Daarnaast struikel je soms plots over een natuurkundige uitleg of een historisch verschijnsel. Dit voegt veel toe aan het verhaal, omdat dit het verhaal in een groter perspectief plaatst. En dat is denk ik ook wat de schrijfster wil doen: laten zien dat we alles in het grote geheel moeten bekijken en dat niks op zichzelf staat. Net zoals de leefbaarheid van onze planeet afhankelijk is van de zon, is ook alles in ons dagelijks leven afhankelijk van factoren die we vaak over het hoofd zien. Maar is het leven daardoor niet meer dan een reeks toevallige gebeurtenissen of is er alsnog schoonheid te vinden in de samenloop van al die factoren?

Ik heb heel erg genoten van het boek. Soms was het iets te zoetsappig, maar dat past wel bij het Young Adult genre. Het illustreert heel mooi hoe jonge liefde zoveel invloed kan hebben op iemands leven en er zelfs een andere richting aan kan geven. En mede daardoor zit het boek barstensvol met zinnen die je in je notitieboekje wilt noteren en dat is altijd een heel goed teken.

Rating: 4 out of 5.

Recensie: De laatste kinderen van Tokyo – Yoko Tawada

Boeken vertaald uit het Japans hebben altijd iets magisch. Hoewel de schrijfster nu in Duitsland woont, schrijft ze in het Japans. Net als Japanse films trekken ze meteen mijn aandacht door de sfeer die ze uitstralen. Ik kan niet precies vertellen wat het is, maar het is een combinatie van ‘zen’ en magisch realisme wat vaak terugkomt. Zo ook in dit boek, hoewel het een heel dystopisch verhaal is. Het speelt zich dus af in de toekomst, maar deze keer zonder alle nieuwe, technologische snufjes die je meestal tegenkomt in dystopieën. De technologie is juist beetje bij beetje uit de wereld verdwenen. Door deze nieuwe blik op hoe de toekomst ook kan zijn, vind ik het boek ook een stuk origineler dan veel andere dystopische romans.

Verder is de schrijfstijl bloemrijk (of ‘zen’, zoals ik het eerder noemde) en met een snufje magisch realisme. Doordat je goed meeleeft met de hoofdpersonen Yoshiro en zijn achterkleinzoon Mumei, raakte het verhaal mij en werd het niet alleen een angstwekkend beeld van onze toekomst, maar ook een menselijk verhaal.

Het boek is actueel, want de toestand van de wereld in het boek, is te danken aan klimaatverandering, overbevolking en totalitaire regimes waarin weinig ruimte voor vrijheid en privacy is. Ook had het naar mijn idee raakvlakken met de crisis die nu aan de gang is rondom corona en wordt dit boek hiermee nóg noodzakelijker.
Maar naast een politieke, actuele boodschap, neemt het boek je vooral mee het verhaal in door de rustgevende schrijfstijl en de bijzonder lieve en hoopvolle hoofdpersonen.
Dit boek is zeker vier sterren waard!

Rating: 4 out of 5.